Introductie

Voorwoord Arthur van Esveld

Even voorstellen: ik ben Arthur van Esveld, in 1962 geboren in het Haagse Bezuidenhout. Toen ik de Middelbare school had afgerond ben ik een aantal jaren werkzaam geweest als hovenier. Na mijn diensttijd bij de Koninklijke Marine kreeg ik min of meer toevallig een baan in de zuivel, in deze branche heb ik me in de jaren daarna verder gespecialiseerd naverschillende opleidingen te hebben gevolgd. Ik ben nu nog steeds werkzaam in deze sector, op dit moment als productiemanager bij een kaasfabriek in het Noord Hollandse Middenbeemster. Het zoeken en graven naar pijpenkoppen en andere bodemvondsten deed ik echter al toen ik nog op de basisschool zat.

Verzamelen was in ons gezin een normale zaak. Mijn ouders hadden diverse interessegebieden, uiteenlopend van postzegels, schelpen tot blikken modeltreinen.

P1230455 - kopieOpgravingen in Den Haag en Gouda

Graag wil ik in het kort vertellen hoe ik er toe gekomen ben om Gambier-pijpen te gaan verzamelen. Zoals veel van de Nederlandse pijpenverzamelaars is het verzamelen ooit begonnen met het zoeken en opgraven van koppen en stelen van kleipijpen. Mijn eerste pijpenkop vond ik in 1969 op een berg grond bij mijn lagere school in Den Haag. Mijn moeder wist me te vertellen dat dit de kop was van een oude pijp. Niet veel later werd in de buurt van mijn huis langs de rand van het Haagsche Bos een enorme hoeveelheid grond uitgegraven om de 2014-10-28_1Utrechtse Baan aan te leggen. Hierbij kwamen grote hoeveelheden aardewerkfragmenten en pijpen naar boven. Op deze plaats bleek in de 17e en 18e eeuw een stortplaats van Den Haag te zijn geweest. Ieder vrij moment ging ik naar deze plek om pijpenkoppen te zoeken. Een verzameling was geboren. In de jaren hierna werd ieder braakliggend terrein in de binnenstad van Den Haag omgewoeld in de hoop nieuwe aanwinsten te vinden. In de 70-er jaren werd er in Den Haag enorm veel gesloopt in het oude Spuikwartier zodat de collectie pijpen ieder weekeinde uitgebreid kon worden met pijpen uit vooral de 17e en 18e eeuw.

Later ging ik met een vriend regelmatig naar Gouda om pijpen te zoeken en toen we in de oude turfloodsen van de firma Goedewaagen mochten graven kwam ik voor het eerst in

2014-10-28_18aanraking met een echte fabrieksstort. Tijdens de bouw van de nieuwe fabriek van Goedewaagen aan het Jaagpad werd de grond van het terrein opgehoogd met pijpen- en aardewerkfragmenten. In de turfloodsen konden we maandenlang in deze stortlagen zoeken. Naast duizenden pijpen vonden we ook fragmenten van aardewerk en gipsen vormen die gebruikt waren voor de productie van gietpijpen zoals de populaire doorroker. Ik was al jaren fanatiek bezig met het verzamelen van kleipijpen, een Gambier pijp had ik echter nog nooit gezien. Naast het verzamelen van koppen en stelen begon ik ook complete pijpen te kopen van binnen- en buitenlandse makelij. Tijdens een vakantie in Engeland kocht ik in Great Yarmouth in een antiekzaak mijn eerste Gambier, nummer 1401 “Tête Néogène pour photographie”. Wat me opviel was de mooie afwerking van deze bruin gerookte pijp. Niet lang daarna was ik op bezoek bij een collega verzamelaar die net terug was uit Givet in de Franse Ardennen waar hij op vakantie was geweest om in de stort van de Gambierfabriek te graven. Ik was met stomheid geslagen bij het zien van zoveel gedecoreerde pijpen. Prachtige ontwerpen met gezichten, dieren en bloemmotieven. Ik was meteen geraakt door de prachtig afgewerkte koppen en nam me direct voor om ook naar Givet te gaan en mijn geluk te beproeven.

Opgravingen in GivetGivet stort3

In de eerstvolgende schoolvakantie ging ik samen met mijn “graaf”-vriend op de bromfiets naar Frankrijk om Gambierpijpen te zoeken. Na drie dagen kwamen we aan in Givet niet wetende waar we moesten zijn om pijpen te vinden. We hadden een pijpenkop als voorbeeld meegenomen en gingen de plaatselijke jeugd vragen waar je deze koppen kon vinden. Het
duurde niet lang toen we een jongen tegenkwamen die ons naar een landweg aan de rand van petit Givet bracht. Langs de “route de Famennes” was een weiland waar een strook van enkele meters breed en enige tientallen meters lang opgehoogd was met grond afkomstig van de voormalige fabrieksterreinen van Gambier. Twee weken lang hebben we hier dagelijks gegraven met als resultaat duizenden pijpen waarvan vele figuraal. Nog verschillende keren ben ik teruggegaan naar Givet om nieuwe aanwinsten te bemachtigen. Met het wassen en uitzoeken van onze schatten leerde ik al aardig het assortiment van deze fabriek kennen. Opgravingen in 2007 op het voormalige fabrieksterrein leverde oneindig veel materiaal op. (zie foto’s) Helaas is hier gedurende korte tijd gegraven waarna de stortlaag afgedekt is met asfalt voor de aanleg van een parkeerterrein. Givet stort 6Door kopieën van oude fabriekscatalogi te bestuderen werd het mogelijk om de koppen te determineren aan de hand van het vormnummer. Gambier werd een verzameling binnen de pijpenverzameling.

Verzamelen van complete pijpen.

Omdat er tot in de 20e eeuw grote hoeveelheden Gambier pijpen zijn geproduceerd bleek het ook mogelijk om complete pijpen te verzamelen die vooral in België en Frankrijk te vinden waren op markten en antiekbeurzen. Met de komst van het internet werd het gebied om Gambier pijpen te zoeken wereldwijd. Gambier pijpen zijn in grote hoeveelheden geëxporteerd naar o.a. Engeland en Amerika. Mijn collectie complete Gambier pijpen omvat momenteel ongeveer 750 verschillende pijpen.  Daarnaast probeer ik zoveel mogelijk documentatie te bemachtigen van dit bedrijf al is het een zeldzaamheid om hier iets van te vinden. Met het verzamelen van Nederlandse bodemvondsten ben ik gestopt maar mijn zoektocht naar Gambier pijpen en de geschiedenis van deze fabriek gaat nog altijd door.DSC00135

De behoefte om de kennis over deze fabriek en het modellenassortiment te delen met andere verzamelaars bestaat al langer. Het idee om in eerste instantie een website op te zetten die geïnteresseerden de kans geeft meer te weten te komen over deze boeiende pijpenfabriek komt van Arjan de Haan.